Een zus die altijd doet alsof alles goed gaat omdat ze haar gevoel is kwijtgeraakt. Een zus die juist zeker weet dat alles goed gaat omdat ze nooit de controle verliest en een broer met wie het helemaal niet goed gaat, maar die door zijn slechte gewoonte de juiste beslissing neemt. Zeven jaar na de dood van hun vader zijn ze een weekend terug in zijn Franse vakantiehuisje. Het staat te koop en de spullen mogen eindelijk verdeeld en opgeruimd worden.
Annebelle: Dan gaat het dit weekend eindelijk gebeuren. En het was nog zo geregeld ook. Ik heb ze gewoon gebeld... Daar zie ik dan zo ongeveer de helft van mijn leven tegenop, twee telefoontjes en klaar! Nou ja, bijna klaar. Helemaal klaar is het pas als ze ook daadwerkelijk komen.
Gelukkig niet gaat over de onzekerheid of je eenzaam wordt, als je voor jezelf kiest. Over geheimen die over datum zijn geraakt, over valkuilen die je wel ziet maar zo lekker vallen en het acteren van je eigen geluk omdat je niet meer weet wat geluk werkelijk is.
Gijsbert: Annebelle wil de lucht gezuiverd hebben.
Annebelle: Dat lijkt me inderdaad geen overbodige luxe.
Kathelijn: Gatverdamme.
Annebelle: Waarom is dat opeens zo gek? We zijn toch familie. Waarom doen we daar dan niets mee?
Kathelijn: En dat vraag jij nu aan ons? Misschien had je dat vijftien jaar geleden aan jezelf moeten vragen.
Annebelle: Ik had geen andere keus. Heb jij ooit wel eens de moeite genomen om je in mij te verplaatsen?
Kathelijn: Gelukkig niet.